![]()
Sign Up Forum Show Words Show Sentences Other Links Blog Posts Contact Us | Definition of Dutch Word over Dutch Word: over English Meaning: 1. about 2. in 3. past 4. across 5. after 6. over Example Sentences with English translation: Ze huilt iedere keer als ze over deze film praat. Ben je optimistisch over de toekomst? Over één minuut moeten we gaan. Maak je er geen zorgen over. We praten niet graag over politiek. Voor zijn carrière heeft hij alles over! Ze was zo boos dat ze over haar hele lijf trilde.
| ||