Logo

Login ID:
Password:
Forgot Password?
  Sign Up
  Forum
  Show Words
  Show Sentences
  Other Links
  Contact Us
List of Sentences

In sprookjes is de vos een sluw dier.

In fairy tales, the fox is a cunning animal.    [Explain]

Breng dat ouwe spul naar de rommelkamer!

Take that old stuff into the store room!    [Explain]

In de herfst worden de bladeren rood en geel.

In the autumn, leaves turn red and yellow.    [Explain]

Deze fotograaf is een echte kunstenaar!

This photographer is a true artist!    [Explain]

Deze computer heeft veel geheugen.

This computer has a lot of memory.    [Explain]

We hadden bijna geen benzine meer, en kort daarna stopte de auto.

We only had little petrol left, and shortly after that the car stopped.    [Explain]

Ik kan je er drie procent korting op geven.

I can give you three per cent discount on it.    [Explain]

Het is koud, doe je handschoenen aan.

It's cold, put on your gloves.    [Explain]

Je hebt geen reden om verdrietig te zijn.

You have no reason to be sad.    [Explain]

Dit eten bevat maar weinig calorieƫn.

This food has only few calories.    [Explain]

Onze trein vertrekt van spoor twee.

Our train departs from track two.    [Explain]

Als je haar wilt leren kennen, zul je zelf het initiatief moeten nemen!

If you want to get to know her, you will have to take the initiative!    [Explain]

Hallo, bent u meneer Jones?

Hello, are you Mr Jones?    [Explain]

Gebruik je muis om de tekst te selecteren die je wil kopiƫren.

Use your mouse to select the text you want to copy.    [Explain]

"Iedereen in het dorp praat over je." "Dat kan me niet schelen!", zei ze.

"In the village everyone is talking about you." "I don't care!" she said.    [Explain]

Heb je mijn bruine trui gezien?

Have you seen my brown jumper?    [Explain]

"Hoe oud ben je?" vroeg de politieman. "Veertien," zei de jongen.

"How old are you?" asked the policeman. "Fourteen," said the boy.    [Explain]

Kan je me een lift naar het station geven? Natuurlijk.

Can you give me a lift to the station? Sure.    [Explain]

De wolven huilden de hele nacht.

The wolves were howling the whole night.    [Explain]

Ik zag vandaag op safari een grote kudde zebra's.

Today on the safari I saw a big herd of zebras.    [Explain]

Mijn dochter kwam vandaag huilend thuis van school. "Wat is er gebeurd?" vroeg ik haar.

My daughter came home from school crying today. "What happened?" I asked her.    [Explain]

Ik ben gestoken door een wesp.

I got stung by a wasp.    [Explain]

Het kasteel werd bewaakt door een vuurspuwende draak.

The castle was guarded by a fire-breathing dragon.    [Explain]

Hoe maken bijen honing?

How do bees make honey?    [Explain]

"Dag meisjes, tot morgen!", zei hij en knipoogde.

"Bye girls, see you tomorrow!", he said and winked.    [Explain]

Gefeliciteerd! Je bent geslaagd voor het examen.

Congratulations! You have passed the exam.    [Explain]

Vijf huizen verderop is een bakkerij.

Five houses down, there is a bakery.    [Explain]

I speel tennis om stress te verminderen.

I play tennis to relieve stress.    [Explain]

Die bril laat hem er jonger uitzien.

These glasses make him look younger.    [Explain]

Kun je me het recept voor deze cake geven?

Can you give me the recipe for this cake?    [Explain]

De vogels vlogen richting westen.

The birds flew westward.    [Explain]

De wijn is uitstekend!

The wine is excellent!    [Explain]

Iedereen weet dat de zon opkomt in het oosten.

Everyone knows that the sun rises from the east.    [Explain]

Kan je mijn bloemen water geven wanneer ik op vakantie ben?

Can you water my flowers while I'm on holidays?    [Explain]

Dat is een slecht teken.

That's a bad sign.    [Explain]

Zijn bloeddruk is erg hoog.

His blood pressure is very high.    [Explain]

Welke havens doen we aan?

Which ports do we call at?    [Explain]

Lang leve de koning!

Long live the king!    [Explain]

Er zijn veel dingen die we niet begrijpen.

There are many things that we don't understand.    [Explain]

Hij zat zes jaar in de gevangenis.

He spent six years in prison.    [Explain]